Nieuws

Dagbesteding zonder indicatie: ‘Zet open, die deuren van woonzorgcentra’

Waarom moeilijk doen als het makkelijk kan? Prettiger en uiteindelijk zelfs goedkoper?

Bij de Zeeuwse Zorggroep Ter Weel zijn alle ouderen welkom op de dagbesteding. Zónder indicatie. Naast heel wat minder bureaucratische rompslomp, heeft het tal van andere voordelen.

Mirjam Vreeke, teamleider Welzijn bij Zorggroep Ter Weel vertelt: “In 2018 raakten we met de gemeente Reimerswaal in gesprek over de tijdrovende papierwinkel achter de indicatieverstrekking voor dagbesteding. Niet alleen voor de gemeente, ook voor ons. Al ging het maar om een dagdeel in de week; we moesten voor elke cliënt een zorgleefplan schijven. Een indicatie kon maanden duren, wat op zich al een drempel opwerpt. Bovendien versterkt zo’n procedure het stigma dat je iets mankeert als je naar de dagbesteding gaat. Met elkaar kwamen we uit op een lumpsum financiering vanuit de gemeente, in het vertrouwen dat iedereen er baat bij zou hebben. Dagbesteding voor ouderen is immers geen ingewikkeld ‘product’. Het vraagt goede begeleiding en creativiteit, maar is niet ontwikkelingsgericht zoals in de jeugd- of gehandicaptenzorg. Het gaat erom dat de ouderen stabiel en vitaal blijven en sociale contacten hebben. En het werkt!”

Buurthuis van de toekomst

Bestuurder Coby Traas, tevens ambassadeur van de Taskforce Wonen & Zorg: “Innoveren kun je nooit alleen, voor vernieuwing heb je elkaar nodig. Partijen die, net als wij, buiten de gebaande banen durven treden. Gelukkig kregen we de gemeente en woningcorporatie hierin mee. De vergrijzing gaat zo enorm hard, samen moeten we ervoor zorgen dat mensen actief blijven. Ik zie een zorgcentrum als het buurthuis van de toekomst, een prachtige kans om de wijk te betrekken en verbinden. Het is mijn stokpaardje: in de tien jaar dat ik hier bestuurder ben, hebben we van elk zorgcomplex een bruisend gebeuren gemaakt, met een restaurant, winkel, kapper, vaak ook een bibiotheek en ruimte voor evenementen. Dat brengt leven in de brouwerij, fijn voor de mensen die er wonen én die er komen. En het mooiste: uiteindelijk leidt het tot minder zorg.”

Eerder in beeld

Mirjam: “Het aantal bezoekers van de dagbesteding is verdubbeld. Een belangrijk voordeel is dat we deze mensen eerder in beeld hebben. Horen we dat iemand thuis niet goed uit de voeten kan, dan kan onze fysiotherapeut tips geven en waar nodig aanpassingen regelen. Wat weer een positieve invloed heeft op het gebruik van Wmo-voorzieningen. En we zien wat het doet met het welbevinden. Onze gasten lijken bijvoorbeeld minder snel naar de huisarts te gaan, ik zou dat effect op de eerstelijnszorg graag eens onderzoeken. Bovendien krijgen we nu deelnemers binnen die fysiek en mentaal nog wat fitter zijn. Zij zijn behulpzaam en zorgzaam voor de mensen die wat meer hulpbehoevend zijn. Goed voor hun eigenwaarde en zo mooi om te zien!” Door die nieuwe doelgroep veranderen ook de activiteiten, vult Coby aan. “Het is echt niet langer ‘knutselen voor mensen met dementie’. We hebben verschillende activiteiten en zelfs een groep mensen die zegt: we pakken de bus van Ter Weel en rijden naar Yerseke om een oestertje te eten.”

Ter Weel werkt veel samen met andere welzijns- en zorgorganisaties, bijvoorbeeld voor mensen met een psychiatrische achtergrond of een lichamelijke beperking. Mirjam: “We maken over en weer gebruik van elkaars faciliteiten. Zo helpt een gast van ons af en toe op een zorgboerderij en andersom komen zij bij ons voor een lunch of de bingo. We doen niet ingewikkeld over wat dat kost of oplevert. Dat loopt vanzelf, in het belang van de mensen.”

Droom

Coby: “Het is onze droom dat meer gemeenten ons voorbeeld volgen. Zet die deuren van zorgcentra open, laat mensen binnenlopen! Stel als gemeente een vast bedrag beschikbaar voor een daginloop en stop met al die ingewikkelde aanmeldprocedures. En nee, je hoeft niet bang te zijn dat er mensen komen die er niets te zoeken hebben. Je komt alleen als je er baat bij hebt, als je wat eenzaam bent of behoefte hebt aan structuur of afleiding.” Hoe gaat dat in de praktijk? Wie zijn je gasten en wat betekent dat voor de personeelsplanning? Mirjam: “Qua planning: het gaat niet in hordes. Niets zo menselijk als routine, dus je ziet vanzelf een patroon ontstaan. Mensen lopen binnen wanneer ze willen, we noteren alleen hun gegevens en een contactpersoon voor als er iets gebeurt. In het begin zeiden mijn teamleden wel eens: ‘die mevrouw komt altijd op maandag, maar ze is er niet, zal ik bellen?’ Maar dat doen we niet, de gasten komen vrijwillig en hebben zelf de regie.” Ze lacht: ‘Tegelijkertijd blijven we wel hulpverleners, dus maken we een praatje, kijken hoe het gaat en of iemand iets nodig heeft. Maar in de basis is het gewoon een gezellig moment voor onze gasten.”

Kwestie van vertrouwen

Het lijkt alleen maar voordelen te hebben, waarom gebeurt dit dan zo weinig? Koudwatervrees totdat de cijfers het tegendeel bewijzen? Mirjam: “Dat ook, maar wat ook meespeelt is dat veel gemeenten niet precies weten wat zorgaanbieders doen of kunnen betekenen. Zoek elkaar op, ga het gesprek aan. Kijk samen naar wat deze doelgroep nodig heeft, over je eigen belangen heen. Uiteindelijk is het een kwestie van vertrouwen, tot een gemeente durft te zeggen ‘ja, dit gaan we doen!”

Ook enthousiast geworden? Download hier het stappenplan én het impactreport.

Geschreven door: Chantal Wuijster

Deel dit bericht

Taskforce Wonen en Zorg bestaat uit: